Hoorcollege 8

causaliteit:

begrijpen (basic), beinvloeden (applied) van de werkelijkheid => causaal verband nodig.

experimenteel onderzoek -> controle -> voorwaarden makkelijker voldoen

beste manier voldoen aan voorwaarden:

PICO:

heeft het tussentijds reviseren van aantekeningen effect op leerprestaties van studenten?

p = studenten i = tussentijds reviseren van aantekeningen c = … o = leerprestaties

correlationeel = invloed van natuurlijke variatie in variabelen meten experimenteel = variabele manipuleren in een gecontrolleerde (lab)setting

temporal precedence verzekeren door te manipuleren te doen voor het meten van de afhankelijke variabele

uitsluiten alternatieve verklaringen =>

bedreigeingen van interne validiteit:

groep moet vergelijkbaar zijn mbt afhankelijke var. en alle andere var (want je weet niet of die effect zouden kunnen hebben) indelen door:

!! welke typen groepen in een experiment

doel van randomisatie:

moet je checken of het ‘gelukt’ is? -> er is discussie over (hangt ook af van steekproefgrootte, maar je kan alleen bekende/gemeten variabelen checken) (want rechttrekken op basis van gemeten kenmerk kan op ongemeten kenmerk scheef trekken) (dus je kan niet zoveel met ‘checken’; is alleen later voor interpretatie miss handig)

soms randomisatie niet mogelijk: niet ethisch of praktisch onhaalbaar (ethisch: bijv mogelijk betere behandeling niet geven in medisch onderzoek) (praktisch: bijv niet handig om de helft van een klas een andere methode te geven)

soms kan het maar gaat het mis:

^^vorm van design confounds

populatie –(aselecte steekproef)–> steekproef –(randomisatie)–> experimentele groep en controlegroep ^^externe validiteit ^^interne validiteit

statistisch gezien is 2x aselecte steekproef hetzelfde als 1x aselect+randomisatie

wanneer mag generaliseren: steekproef -> populatie (mits interne en externe validiteit ok)


NHST

als h0, dan geen verschil => manipulatie heeft geen effect

nieuwe soort hypothese = statistische hypothese (wiskundige repr. van h0 en ha) h0 => \mu_{revisie} = \mu_{recopy} ha => \mu_{revisie} > \mu_{recopy}

correlatie = r-toets, r_s-toets causatie = t-toets (M1 - M2)

dus: mag generaliseren + is het verschil groot?

verschil afhankelijk van de meeteenheid en schaal dus: relatief verschil tussen de groepen

correlatie verschilt per steekproef. zelfde hier: M1 - M2 ook. standaardfout (SE) berekenen aan de hand van de gegev. hierboven

t = (M1-M2)/SE

hierdoor cancellen we eenheden elkaar uit => zelfde schaal tussen ongv. -3 en 3 stap op de schaal is 1x de standaardfout

grotere t => grotere verschillen (t = 1 is één standaardfout, dus dat is ongv de meest logische waarde in geval van h0)

in geval van nulhypothese:

aan de hand van t kan de computer p berekenen (want t = equivalent van r, dus gwn weer overschrijdingskans, opp voor extremer)